Beekman
Door de vlag gaan
Afgelopen donderdag gebeurde er iets schokkends. Tenminste, voor mij.
Het is zet 37. Ik heb nog twee minuten voor mijn zetten. Maar ik denk twee minuten na en ga door mijn vlag. Ik keek een paar keer, zag op het laatst nog 25 seconden, wilde gelijk daarna een zet doen, maar mijn vlag bleek gevallen te zijn. Het is me wel vaker overkomen. Kennelijk moet ik me ermee verzoenen dat af en toe gaten in mijn tijdsbeleving ontstaan.
'Gelukkig' stond ik verloren. Jottem! Wat een meevaller!
Of nee, feitelijk stond ik niet verloren. Het was remise. Maar ik begreep niet waarom het remise was en zou dus wèl verloren hebben. Als ik een zet gedaan zou hebben. Want ik ging door mijn vlag. Ach ja, zo zijn er altijd nog manieren om mezelf te troosten.
Maar het is me ook in gewonnen stand overkomen. Mijn record is dat ik 3,5 minuut nadenk over zet 40 en door mijn vlag ga. In gewonnen stand. Meestal gaan spelers in hoge tijdnood door hun vlag. Van die onverstandige spelers; we kennen ze wel. Nog maar twee minuten overhouden voor 20 zetten en dan proberen het te redden. Browne was er zo eentje. Dichter bij huis kan Meindert van der Linde er ook wat van.
Ik heb nog op internet zitten zoeken, in de hoop lotgenoten te vinden. Maar helaas. Meestal gaan ze door hun vlag in verloren positie, zo lijkt het wel. En bovendien moesten ze bijna altijd nog teveel zetten doen in te weinig zetten.
Uiteindelijk kon ik toch nog een lotgenoot vinden. Sämisch. "Hij was een trage denker", lees ik. Het overkwam hem zelfs dat in één toernooi (Linkoping, 1969) alle partijen door zetoverschrijding verloren gingen. In één fameus geval ging hij op zet x door zijn vlag, maar besloot zijn tegenstander niet in te grijpen. Pas 45 minuten na de tijdsoverschrijding kwam hij er achter. Hij glimlachte en feliciteerde zijn tegenstander beleefd met de overwinning.
Mijn Sämisch was toen al op oudere leeftijd. Hij is namelijk geboren in 1896. Zijn medespelers - heb medelijden met hen; hij speelde nog steeds in teamverband -, schopten regelmatig tegen zijn stoel om hem 'wakker' te houden. Hoe anders was dit toen hij nog jong was. Toen schopte hij zèlf de wereldtop regelmatig van het bord af. Echter, hoe problematisch het omgaan met de tijd voor hem was, op diezelfde 'oudere leeftijd' won hij óók regelmatig 'lightning chess'-toernooien. Met twee minuten op de klok was hij onverslaanbaar. Als lotgenoot begrijp ik dat wel. Nu wéét hij dat hij snel moet spelen!
Friedrich Sämisch.
Robert Beekman: Friedrich Sämisch in de dop. Je ziet het aan zijn ogen. Hij staat op het punt in slaap te vallen.