De decembristen

Op 20 november 1910 overleed Leo Tolstoj. Die viering van de honderdjarige sterfdag volgt dus binnenkort. Tolstoj verenigt een aantal essentiële elementen in de Russische geschiedenis: oorlog, opstand, adel, literatuur en schaken.

Terug naar 1825! Terug naar de revolutie van de decembristen!

De oorsprong van de revolutie van de decembristen ligt volgens Tolstoj in de inval van Napoleon, zoals beschreven in Oorlog en vrede. Napoleon stormde met een onwaarschijnlijk groot aantal man Rusland binnen (de schattingen variëren van 600.000 tot 1 miljoen). De Russische soldaten werden volledig onder de voeten gelopen, verloren een aantal cruciale veldslagen en moesten zich ijlings terugtrekken. Ze pasten de taktiek van de verschroeide aarde toe maar moesten evengoed lijdzaam toezien hoe Moskou ingenomen werd. Dat leidde tot een enorme exodus uit Moskou. Tienduizenden vluchtelingen trokken uit de stad weg.

Moskou was leeg.
En Napoleon trok een lege stad binnen.

Diezelfde nacht nog werd Moskou, dat voor ruim 80 procent uit houten gebouwen bestand, in brand gestoken. In opdracht van graaf Fjodor Rostoptsjin, goeverneur van die stad. Althans, dat denken we omdat Tolstoj dat zo beschreven heeft. Anderen denken dat de nasmeulende vuren in de lege, onbeheerde huizen uit zichzelf in brand gegaan zijn. Na drie dagen brand was ook het Kremlin omgeven door vlammen en moest Napoleon, zich door de vlammen een weg banend, de stad verlaten. Hij vloekte en tierde, zoals iedereen van hem gewend was, maar toonde ook bewondering voor de Russen: "Wat een karakter tonen die barbaren."

Napoleon trekt zich terug uit brandend Moskou.

Uiteindelijk keerde Napoleon met slechts 1 procent van zijn leger terug in Frankrijk.

Deze oorlog uit 1812 wordt in de Russische geschiedenisboeken de Vaderlandse Oorlog genoemd. Eén van de hoofdrolspelers uit Oorlog en Vrede heet Andrej Bolskonsky, geïnspireerd op Sergei Volkonsky, een verre oom van Tolstoj. Volkonsky was een Russisch vorst en generaal. Hij behoorde tot de decembristen, die dertien jaar later (december 1825; vandaar hun naam) een revolutie begonnen tegen de tsaar.

Toen in 1825 Tsaar Nicholaas I aantrad, met wie Volkonsky als kind nog gespeeld had, wilde een groep adelen slavernij afschaffen en meer democratie. Ze waren onder de indruk geraakt van de inzet en het lijden van de boerenbevolking ten tijde van de Vaderlandse Oorlog en wilden iets voor hen terugdoen.

Drieduizend opstandige soldaten, onder leiding van vooraanstaande adellijke families, stonden december 1925 tegenover 9000 soldaten die Tsaar Nicholaas I trouw bleven. Nicholaas probeerde eerst overleg, omdat de meeste opstandelingen bekenden of zelfs vrienden van hem waren. Toen dit niet hielp, gaf hij opdracht tot een bloedige slachting.

Hierboven de opstand van de decembristen. De meesten zijn vermoord. De vijf leiders werden opgehangen. Zelfs dat was een drama. De galg bezweek namelijk tot grote opluchting van de familie. Volgens oude Russische traditie gaat de ophanging niet door als dit gebeurt. Maar Nicholaas gaf gewoon opdracht de galg te repareren en de executie alsnog uit te voeren.

Andere decembristen, waaronder Sergej Volkonsky, werden verbannen naar Siberië. Het was de bedoeling dat ze vergeten werden, maar ze werden een symbool van de vrijheid. In Siberië vermengden de bannelingen zich onder het volk. Ze droegen boerenkleren, lieten hun baard groeien en brachten de meeste tijd door onder de boeren, stichtten scholen, ziekenhuizen, theaters en zelfs een landbouwinstituut dat kennis van met name landbouw verzamelde en verspreidde.

In 1855 overleed Nicholaas I en niet veel later werd het ballingschap opgeheven. Van de 121 bannelingen waren er nog maar 50 in leven. Volkonsky keerde terug naar Moskou, waar hij bewonderd werd door onder andere Leo Tolstoj.

Hierboven een foto uit 1809: Leo Tolstoj zoals we hem kennen. Hij was graaf maar ging gekleed als decembrist oftewel als boer, droeg een lange witte baard (een afwijzing van de gedragscode van Tsaar Peter de Grote), vertoefde onder de boeren en schaakte! Net zoals Alexander Poesjkin, de beroemde dichter die leefde ten tijde van de decembristen en vriend van hen was. Poesjkin schaakte ook en van hem is de volgende uitspraak bekend: "Schaken is essentieel voor elk gelukkige gezin." Schaken was in de negentiende eeuw voorbehouden aan de rijke klasse, maar de decembristen en hun sympathisanten hebben het verspreid onder het gewone volk. De meeste Westerse schakers in de negentiende eeuw waren arts of advocaat, maar de eerste grote Russische speler, Mikhail Tsjigorin (1850 - 1908), was zoon van een fabrieksarbeider.

Toen Lenin schaakte, speeld hij dus het spel van de opstand, het spel van het volk.